Malbec
Malbec komt uit het zuidwesten van Frankrijk, waar hij officieel Côt heet. Het Franse rassenregister voert hem onder die naam en noteert Malbec, Malbech en Malbek als de officiële benamingen in respectievelijk Spanje en Tsjechië, Italië en Oostenrijk. Een derde naam, Auxerrois, wordt in de Cahors gebruikt — verwarrend, want in de Elzas is Auxerrois een heel ander, wit ras.
Genetisch onderzoek in Montpellier wees uit dat Côt ontstond uit een kruising van Magdeleine noire des Charentes met Prunelard. Diezelfde Magdeleine noire blijkt ook aan de basis te liggen van Merlot — Malbec en Merlot zijn dus halfbroers langs moederskant.
In Frankrijk is Malbec vooral de druif van Cahors, waar hij het grootste deel van de versnijding moet uitmaken, en een van de toegelaten rassen in Bordeaux. De Franse aanplant daalde van 10.752 hectare in 1958 naar 4.801 hectare in 1979 en klom weer naar 7.625 hectare in 2018. De stok is krachtig maar gevoelig voor coulure — het afvallen van de bloemen — al heeft klonale selectie dat euvel sterk teruggedrongen; jonge stokken zijn bovendien vatbaar voor wintervorst. Die kwetsbaarheid kreeg in Bordeaux een gezicht bij de vorstwinter van 1956, die er naar schatting driekwart van de Malbec-aanplant vernietigde; wie herplantte, koos meestal voor Merlot.
Zijn tweede leven begon in Argentinië, waar de Franse landbouwkundige Michel Pouget het ras in 1868 introduceerde in opdracht van gouverneur Domingo Faustino Sarmiento. Daar is Malbec uitgegroeid tot het meest aangeplante ras van het land: volgens het Instituto Nacional de Vitivinicultura ging het in 2023 om 46.941 hectare, waarvan 84 procent in Mendoza, en groeide het areaal met 22 procent tegenover 2014. Bij voldoende rijpheid geeft de druif gekleurde, geurige en tannische wijnen die goed bewaren; wordt hij te vroeg geplukt, dan komen kruidachtige, groene tonen naar boven.
Wijnclub Zottegem proefde twee wijnen van Malbec uit twee landen, tussen 2017 en 2023.