Druif

Albariño

Albariño is een witte druif uit het noordwesten van het Iberisch schiereiland. In Portugal heet hij Alvarinho, en dat is ook de naam waaronder de internationale rassencatalogus VIVC hem opneemt, met Portugal als land van herkomst. Lang werd verteld dat monniken van Cluny de druif in de twaalfde eeuw naar Iberië brachten, en dat de naam "het kleine witte druifje van de Rijn" zou betekenen — een verhaal dat hem in de buurt van Riesling plaatst. Recenter onderzoek wijst er echter op dat het ras gewoon streekeigen is aan Galicië en het Portugese Minho.

Genetisch hoort Albariño thuis in het Galicische netwerk rond de Caíño-rassen. Díaz-Losada en collega's toonden in 2011 met drieëndertig microsatellietmerkers aan dat Albariño en Caíño Bravo samen de ouders zijn van Caíño Blanco. Dat plaatst hem stevig in West-Galicië en niet aan de Rijn.

Vandaag is hij het gezicht van de Spaanse DO Rías Baixas en, aan Portugese kant, van de Vinho Verde — waar de vermelding Alvarinho voorbehouden is aan de subregio Monção e Melgaço. Traditioneel werd de wijnstok in pergola's om steunbomen geleid; nu meestal op draad, met een breed bladerdek. Buiten Iberië vind je aanplanten in Californië, Oregon, Washington, Uruguay en Australië. Dat laatste land leverde in 2008 een leerzaam schandaal op: DNA-onderzoek wees uit dat wat er als Albariño verkocht werd in werkelijkheid Savagnin was.

In het glas is Albariño licht van lijf en hoog in zuren, met alcohol rond de 11,5 tot 12,5 procent en een aroma dat vaak als kruidig-bloemig met citrus wordt omschreven. De schil is dik, en wie de most te lang op die schillen laat, krijgt een bittertje in de afdronk.

Wijnclub Zottegem proefde vier wijnen van Albariño uit twee landen, tussen 2021 en 2023. Die wijnen kwamen het vaakst uit Portugal. De druif staat elders ook bekend als Alvarinho.

Ook bekend als

  • Alvarinho

Waar wij deze druif proefden

Wijnen die wij proefden