Savagnin
Savagnin is een witte druif uit het oosten van Frankrijk, met de Jura als thuisbasis. In de Franse rassencatalogus staat hij als Savagnin blanc, met Naturé als erkende alternatieve naam voor plantgoed. Elders in Europa heet hij Traminer, Tramini, Traminec of Weißer Traminer — en dat is geen toeval: het is dezelfde oude druif die rond het jaar 1000 in het Zuid-Tiroolse dorp Tramin gedocumenteerd is. De ampelograaf Pierre Galet stelde al vast dat Traminer en Savagnin blanc één en hetzelfde ras zijn, dat over de Alpen heen wat andere bladvormen ontwikkelde. De aromatische Gewürztraminer is er op zijn beurt een mutatie van.
De druif is oud genoeg om een groot deel van de Europese wijnbouw te hebben voortgebracht: in de literatuur wordt Savagnin als "stichtersras" genoemd, een van de handvol variëteiten die aan de basis van veel andere liggen. De aanplant in Frankrijk blijft klein: 185 hectare in 1958, 385 in 1998, 568 in 2018. In Zwitserland kom je hem tegen als Heida, en in Duitsland onder meer in Durbach.
Telen is lastig: lage opbrengsten, en een rijping die in koele jaren tot laat in het najaar duurt. Wat je ervoor terugkrijgt is een druif die tegelijk veel suiker opstapelt én zijn hoge zuur behoudt — de combinatie die de catalogus tot "krachtige, zware en volle grote witte wijnen die tegen rijping kunnen" laat besluiten.
Zijn beroemdste vorm is de vin jaune uit de Jura. De wijn rijpt daar jarenlang in een niet-bijgevulde vat onder een gistvlies, de *voile*, waardoor hij oxidatieve, nootachtige tonen krijgt die aan fino-sherry doen denken — maar zonder toegevoegde alcohol, want vin jaune wordt niet versterkt. Savagnin gaat in de Jura ook in droge witte assemblages met Chardonnay, en in vin de paille, gemaakt van ingedroogde druiven.
Wijnclub Zottegem proefde twee wijnen van Savagnin uit Frankrijk, tussen 2010 en 2026. Die wijnen kwamen het vaakst uit Frankrijk.