Druif

Nerello Mascalese

Nerello Mascalese is een blauwe druif van de Etna, op Sicilië. De naam verwijst naar Mascali, de streek aan de oostflank van de vulkaan; *nerello* is een verkleinvorm van *nero*, zwart. Het is het belangrijkste inheemse ras van de Etna-zone en moet minstens tachtig procent uitmaken van een Etna Rosso DOC. In 2012 stond er ongeveer 3.130 hectare op Sicilië, met daarnaast wat aanplant in Calabrië.

De afstamming is met merkers vastgesteld en verrassend: het internationale register VIVC noteert Nerello Mascalese als een kruising van Sangiovese met Mantonico bianco, een wit Calabrees ras. De Toscaanse hoofddruif heeft dus een Siciliaans kind. Zelf is Nerello Mascalese in het register goed voor 27 synoniemen, onder meer Nerello Calabrese, Niureddu Mascalese en Mascalese nera.

Precies daar zit een valkuil. De Italiaanse rassendatabank van CREA en de universiteit van Pisa merkt uitdrukkelijk op dat "Pignatello nero" en "Perricone" als benaming voor deze druif **fout** zijn: Perricone is een ander Siciliaans ras. En Nerello Cappuccio, waarmee hij in Etna Rosso vaak geblend wordt, is evenmin een variant van hem maar een zelfstandig ras dat kleur en alcohol bijbrengt.

De stok geeft goed maar wisselvallig; hij wordt traditioneel als struik geleid en verdraagt ook cordonsnoei. In het glas is de wijn robijnrood met granaatschijn, en het aromaprofiel is eerder fijn dan zwaar: rood fruit en aardbei, bloemige tonen, een kruidige zweem, en na houtrijping vanille en tabak. De smaak is droog en tannisch, met een opvallend lange nasmaak — de rassendatabank noemt dat aanhoudende aroma zelfs het meest kenmerkende van de druif — bij goed alcoholgehalte en voldoende zuur.

Wijnclub Zottegem proefde één wijn van Nerello Mascalese uit Italië in 2026.

Waar wij deze druif proefden

Wijnen die wij proefden