Druif

Loureiro

Loureiro is een witte druif uit het noordwesten van het Iberisch schiereiland. Volgens het Portugese wijnbureau ontstond hij in de vallei van de rivier Lima, in het noorden van de Vinho Verde-streek, en verspreidde hij zich van daaruit over de hele regio. Hij is er vandaag een van de belangrijkste witte rassen, samen met Alvarinho, Arinto (daar Pedernã genoemd) en Trajadura.

De naam is een aanwijzing voor de geur. *Loureiro* is Portugees voor laurier, en de wijn wordt inderdaad geassocieerd met bloemige, kruidige tonen die aan laurierbloesem doen denken, naast oranjebloesem, acacia en lindebloesem, over appel- en perzikfruit heen. De zuurgraad is fris en meestal goed in balans — het gevolg van een koel, nat Atlantisch klimaat vlak bij de oceaan.

De stok is krachtig en productief, met langgerekte, vrij compacte trossen en middelgrote geelgroene bessen. Die groeikracht is in de Vinho Verde historisch een probleem geweest: de traditionele hoge leisystemen tegen bomen en pergola's gaven veel loof, veel opbrengst en dunne wijn. De omslag naar lagere, beter geregelde aanplant is de reden dat Loureiro pas de laatste decennia als een edel ras erkend wordt.

Aan de Spaanse kant van de Minho heet hij Loureira en wordt hij in Rías Baixas en Ribeiro geteeld, doorgaans in kleinere hoeveelheden en vaak versneden met Albariño. In Portugal is de tendens net omgekeerd: waar Loureiro vroeger vooral versnijdingsdruif was, verschijnt hij nu geregeld als eenzame druif op het etiket.

Wijnclub Zottegem proefde één wijn van Loureiro uit Spanje in 2021.

Waar wij deze druif proefden

Wijnen die wij proefden