Druif

Bronner

Bronner is een witte druif die in 1975 gekweekt werd door Norbert Becker aan het wijnbouwinstituut van Freiburg im Breisgau, in het Duitse Baden. Het is dus geen oud landras maar een gerichte kruising: Merzling als moeder, en als vader de selectie Gm 6494, die in 1964 in Tsjechoslowakije door professor V. Kraus gemaakt was uit Zarya Severa en Saint-Laurent. De variëteit kreeg in 1977 rassenbescherming. De naam eert Johann Philipp Bronner (1792-1864), een Duitse apotheker die als pionier van de wijnbouwkunde geldt.

Bronner hoort bij de zogenoemde PIWI's — kort voor het Duitse *pilzwiderstandsfähig*, schimmelbestendig. Door in de kruising erfelijk materiaal van Amerikaanse en Aziatische wijnstokken mee te nemen, is de stok sterk bestand tegen valse meeldauw en in mindere mate tegen echte meeldauw en botrytis. Praktisch betekent dat veel minder spuitbeurten dan bij een klassieke *Vitis vinifera*, wat de druif interessant maakt voor biologische en biodynamische wijnbouw.

Precies daarom is Bronner vooral aangeplant in streken met een vochtig groeiseizoen of met milieudruk op gewasbescherming: Duitsland, Zwitserland, Noord-Italië en ook België en Nederland. De aanplant blijft overal klein.

In het glas ligt Bronner volgens de kwekers en het Duitse vakjargon dicht bij Pinot blanc: een droge, eerder terughoudende witte wijn met matige zuren, geen uitgesproken aromadruif. Wie een luidruchtige geur verwacht, zit fout; het is een rustige, brede wijn.

Wijnclub Zottegem proefde één wijn van Bronner uit België in 2017.

Waar wij deze druif proefden

Wijnen die wij proefden