Bobal
Bobal is een blauwe druif uit het binnenland van Valencia, in Spanje. Zijn thuisbasis is Utiel-Requena, een hoogvlakte ten westen van de stad Valencia, waar hij ongeveer tachtig procent van de rode aanplant uitmaakt. De naam gaat vermoedelijk terug op het Latijnse *bovale*, naar de vorm van een stierenkop; de druif duikt al op in het vijftiende-eeuwse werk *Espill o llibre de les dones* van Jaume Roig.
In 2015 stond er 61.524 hectare Bobal in Spanje. Daarmee is hij naar oppervlakte de tweede rode druif van het land, achter Tempranillo — en toch kent bijna niemand hem buiten Spanje, omdat het grootste deel van de oogst decennialang in bulkwijn en in most voor kleuring verdween. Buiten Spanje vind je hem enkel in kleine hoeveelheden, onder meer in de Franse Roussillon en op Sardinië.
De wijngaarden van Utiel-Requena liggen tussen ruwweg 600 en 900 meter hoogte, met koude winters, late vorst en grote verschillen tussen dag- en nachttemperatuur. Bobal bloeit en rijpt laat, wat in dat klimaat een voordeel is: de zuren blijven bewaard. De bes heeft kleurloos vruchtvlees achter een harde, sterk gepigmenteerde schil, dus de most is rijk aan kleurstof en tannine.
In het glas herken je Bobal aan de combinatie van diepe kleur en frisheid — donker fruit als braam en kers, een bloemige toets, en een zuurgraad die je in Zuid-Spaanse wijn zelden tegenkomt. Het alcoholgehalte blijft doorgaans bescheiden. Diezelfde zuurgraad maakt hem geschikt voor rosé, wat in de streek een lange traditie is.
Wijnclub Zottegem proefde één wijn van Bobal uit Spanje in 2026.